Dat was schrikken!

geplaatst in: Ontspanning, Werkende moeder | 0

Gisteravond op de bank samen (huismussen, je weet wel), een lekker wijntje (Olivia drinkt niet meer ’s nachts, dus dat kan – voldoende tijd voor afbraak van de alcohol), snackplankje, televisie uit. Lekker kletsen over het leven. En opeens onderbreek ik manlief midden in zijn verhaal en zeg: “Wow, vanmiddag had ik dus bijna een auto-ongeluk!”. Ik was het alweer bijna vergeten.

Auto op mijn achterbank

Onderweg van werk naar huis, met een heleboel andere bestuurders flink doorrijdend op de linkerbaan van de snelweg, staat er opeens een automobilist op de rem. Ik zag vanuit de verte al dat er een politiebusje op het viaduct stond, dus deed – net als de bestuurders voor mij – al netjes mijn voet van het pedaal om de ongeveer 130 km/u terug te laten lopen naar de toegestane 120 km/u. Blijkbaar was er iemand die het busje te laat zag en dus vlak voor hij het viaduct passeerde, op de rem ging staan. Ik zeg hij, omdat ik zag dat het een grijze auto, model Mitsubishi Colt, was en ik deze later inhaalde: een oudere man met baard en een oudere vrouw naast zich. Type zondagrijder, levensgevaarlijk vind ik.

Goed, hij remde dus. En voor de auto’s achter hem, voor mij, kwam dit al net zo uit het niets als voor mij. Dat plotselinge remmen. Ik zag veel rode remlichten, auto’s die uitweken richting het stukje asfalt tussen de rijbaan en de vangrail en een auto die naar rechts uitweek, zodat de auto rechts van hem naar de vluchtstrook kon sturen. Ik remde. Ik zag de auto achter mij (een verschrikte vrouw, ze zal er net zo uitgezien hebben als ik op dat moment), in mijn hoofd al mijn achterbank binnenrijden. Het gebeurde niet. Gelukkig. We remden en zwenkten allemaal precies op tijd. Mijn hart zat in mijn keel, mijn benen trilden en mijn handen voelden ontzettend slap. Ik wist dat ik gas moest blijven geven en het stuur vast moest houden. Ironisch genoeg zag ik in mijn ooghoek het politiebusje inmiddels wegrijden van het viaduct. Waarom stond dat kreng daar?!

Lees ook:  Bijna zomervakantie

Stijf van de spanning

Ik moest vanaf daar nog de halve ring afrijden en wilde dolgraag mijn kleine moppie bij het kinderdagverblijf ophalen. Even op adem komen bij het tankstation is dus niet in me opgekomen. Maar ik heb dat hele laatste stuk wel na zitten trillen. Mijn handen en benen bleven slap aanvoelen. Aangekomen bij het kinderdagverblijf heb ik even staan schudden met mijn armen, even de spanning eraf. Ik ben naar binnengelopen, heb Olivia in mijn armen genomen en hoorde dat ze een lekker dagje gehad had. Thuis het normale avondritueel en het bijna-ongeluk schoot me dus ’s avonds pas weer te binnen.

Serieus: op het moment dat ik alle auto’s voor me zag remmen en wijken en ik in een flits in de achteruitkijkspiegel de mevrouw achter me zag, dacht ik dat ik echt in een kettingbotsing terecht zou komen. Ik weet nog dat ik naar het woord ‘airbag’ op mijn stuur keek en me bedacht dat ik ooit gelezen heb dat ze die dingen nooit kunnen testen bij een apk of onderhoudsbeurt, omdat ze maar 1x werken. Ik hoopte echt dat die van mijn auto goed werkte. Raar dat je je zulke dingen bedenkt op zo’n moment. Ik dacht trouwens niet: en nu is het klaar. Ik dacht ook niet: en Olivia dan? Zo ernstig leek die kettingbotsing me niet te worden, we waren immers zeker al afgeremd tot rond de 50 km/u. Ik had de situatie ingeschat, blikschade zou het worden. Gelukkig kwam het niet zo ver en ik ga er voor mijn eigen gemoedsrust vanuit dat ik gelijk gehad zou hebben: blikschade, en wat schrammen misschien.

Lees ook:  Een typische 'vrije' dag

Moeder in de auto

Ik heb het al eerder beschreven: sinds ik moeder ben, rijd ik anders. Niet alleen ben ik sneller geïrriteerd, ik ben ook angstiger. Ik haal vrachtwagens in met twee handen aan het stuur. Ik rijd het liefst zoveel mogelijk richting de linkerkant van de rijbaan, want rechts in de auto zit Olivia en de ruimte tussen haar en andere auto’s of de berm houd ik graag groot. Ik ben dus een beetje een mietje geworden in het verkeer. Ik rijd gewoon hoor, ik beleef zelfs nog steeds plezier aan autorijden. Maar ik ben me veel bewuster van gevaar.

Ik ben me continu bewust van het feit dat er iets kan gebeuren, met mij of met mijn gezin. Dat bewustzijn heb ik trouwens sowieso, niet alleen in de auto. Enerzijds is dat een naar gevoel, anderzijds maakt het me trots: ik leef niet alleen meer voor mezelf, ik leef voor mijn kindje. Ik ben een moeder, ook in de auto.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.