Je kindjes vergelijken

geplaatst in: Opvoeding | 0

Ieder kind is uniek en vergelijken heeft geen zin. Je weet het, maar je doet het toch, je kindjes vergelijken. Ik ook. Niet perse met andere kinderen, maar wel met elkaar. Dat gaat automatisch.

Motorisch vs. spraak

Onze meiden verschillen qua ontwikkeling als dag en nacht. Hoewel nu ik erover nadenk, de fijne motoriek wel aardig hetzelfde is. Zowel Quinn als Olivia konden al snel broodkruimeltjes van hun kinderstoelplateau pakken en blokjes op elkaar stapelen. Ik wijd dat aan het leren eten volgens de Rapleymethode, want als je het niet zelf pakt heb je geen eten. Cru gezegd. Maar verder? Dag en nacht.

Zoals mijn lezers van het eerste uur weten is Olivia behandeld voor heupdysplasie. Ze zat vier maanden in een pavlikbandage en lag daarom tot ze zeven maanden oud was vooral op haar rug te spelen. Vlak voor ze haar pavlikbandage kreeg rolde ze trouwens voor het eerst op haar buik, dus wie weet had ze zonder heupdysplasie wel hetzelfde pad als Quinn bewandeld. Quinn is namelijk onwijs snel met haar grove motoriek en babbelt pas écht sinds ze negen maanden is. Dat was bij haar grote zus wel anders, die gilde en joelde van plezier en brabbelde al onwijs veel klanken toen ze nog geen halfjaar oud was.

Mijnlevenalsmama | Lekker spelen

“Weet je nog, toen bij Olivia?”

Het vergelijken van de meiden begon al toen Quinn nog maar net geboren was. De uiterlijke kenmerken als ze sliep waren zo groot, dat Joost en ik onszelf wel eens vergist hebben qua naam en automatisch ‘Olivia’ tegen haar zeiden. En dan niet omdat je het zo gewend bent die naam te gebruiken, maar omdat Quinn in een pakje dat van Olivia geweest was onwijs op haar zus van twee jaar eerder leek en het dus echt even léék alsof je naar Olivia keek.

Lees ook:  Monkeyplatter: leuk serveren voor kinderen

Van de week zat ik aan de eettafel en speelde Quinn op de grond met blokjes en Olivia op haar kamer met haar Playmobil. Hele verhalen hoorde ik van boven komen. Over poppetjes die in bad gingen, bedjes die verschoond werden en een basketbal. Olivia ten voeten uit, altijd aan het kletsen. We grappen hier in huis wel eens dat het logisch is dat Quinn amper brabbelt omdat haar zus praat voor twee. Inmiddels begint hier verandering in te komen, want ook Quinn heeft het ‘blablabla’ tijdens het spelen aan haar repertoire toegevoegd. En opeens, terwijl ik dus aan de eettafel zat, het boven een geluid van jewelste was en ik dacht dat mijn kleine meisje met de blokken aan het spelen was, hoorde ik opeens de loopwagen door de kamer bewegen. Daar ging ze, mijn baby van 9,5 maand oud. Van voor naar achter en niet eens wankel, achter haar loopwagen. Bijna drie maanden eerder dan haar grote zus dat deed, maar zonder luid gegil erbij. Stil en trots, glimlachend. Quinn ten voeten uit.

Maar ook het leren eten, voor het eerst door de kamer tijgeren en slaan op speelgoed, bij bijna alles zie ik het in een flashback Olivia weer doen. Of zeggen we tegen elkaar: “Weet je nog, toen bij Olivia?” Is dat echt vergelijken? Nee dat niet. Gelukkig maar, want ieder kindje is uniek. Ook mijn meiden. De snelle prater en de snelle loper, zo hetzelfde en zo anders, geweldig!

Laat een reactie achter